Banner

Jonsi

29 mei 2010, AB

Matthieu Van Steenkiste - foto's: Madelien Waegemans - 30 mei 2010

"Of dit wordt een genante over-the-topflop, of hij verlegt de grenzen van wat een optreden kan zijn", schreven we enkele maanden terug over de show die Jónsi voorbereidde toen de eerste "making of"-filmpjes op zijn website werden gepost. Het werd het laatste, al blijft de soundtrack erbij bij momenten weinig overtuigend.

Iedereen in Sigur Rós wilde plots vader worden, Jónsi niet. En dus was er tijd. Om een ambientplaat met vriend Alex te maken, of om solo te gaan. Slecht idee? Zijn beste in elk geval niet, zo bleek. Op Go werd immers duidelijk waarom de smalle IJslander zijn bandmaats nodig heeft om zijn ideeën uit te werken tot de overrompelende ervaring die platen als Agaetis Birjun of Tákk waren. Nu hij er alleen voor stond, bleek een nummer al eens te zwak, of --erger – te plat.

Helemaal onder de indruk van dat debuut waren we dus niet, maar het optreden dat Jónsi zaterdagavond in de AB gaf, maakte veel goed. Met 59 Productions onder de arm zette hij een show op poten die video, decor en muziek tot één geheel deed versmelten. Net als The Knife drie jaar geleden met de Silent Shout-tour deed, verbluft ook Jónsi door de grenzen van wat een concert kan zijn een pak te verleggen. De Roger Waters uit de jaren­ zeventig had hier ongetwijfeld jaloers naar staan kijken.

Net als The Knife deed, werkt ook 59 Productions met dubbele projecties op gaasnetten die voor elkaar zijn gespannen, maar hier wordt ook een heuse decorconstructie in het geheel betrokken. Het resultaat is een spannend samenspel dat moeilijk in woorden is te beschrijven. We spreken hier even tegen onze winkel, maar: even op Youtube zoeken kan misschien – misschien! – een idee geven.

Een mens zou dan verwachten dat ook muzikaal meteen alle registers worden opengetrokken, maar daar schuilt net het geniale van deze show in; beheersing. Met mondjesmaat worden registers opengetrokken, valt een doek, flitsen stroboscopen; slechts op gezette tijden mag alles even onbeheerst open. En dus mag het geen verwondering wekken dat deze extravaganza in alle soberheid start: met Jónsi solo aan de gitaar. En een nummer dat "It's Raining Blood" heet.

Ook met band erbij, blijft het gedragen "Hengilás" rustig. Op het scherm achter de band krijgen we de projectie van een opengeslagen boek. Dierentekeningen. Het gaat in vlammen op, waardoor we uitzicht krijgen op een donker bos dat daarachter ligt. Twee songs verder valt het doek, en zien we hoe het decor een groot raam is dat uitkijkt op dat woud.

Dat nummer, "Kolnidur", is één van de weinige nummers van op Go dat niet verloren loopt in zichzelf. Wondermooi is ook "Boy Likikoi", een klein beetje songfestival -- en dat mag vanavond -- maar ook het nummer met de mooiste melodie van het concert. De projecties worden er vanzelf een stuk kleurrijker van, minder duister. In "Around Us" vindt de set een knap percussief einde.

Al te vaak loopt Jónsi echter tegen zijn beperkingen aan. Dan blijkt die falset wel te werken als instrument-op-zich in de sfeervolle rock van Sigur Rós, maar zo naar de voorgrond geschoven in wat slechts trage popsongs zijn gaat die al eens enerveren. De zoveelste uithaal mist zijn impact, en de vraag of het nu Engels of IJslands is dat de zanger gebruikt, houdt ons niet eens meer bezig. Vooral "Sinking Friendships" en "Saint Naive" gaan zo wat oeverloos voorbij, en we zijn dan ook blij dat de voortsnellende dieren op het scherm voor afleiding zorgen.

In de bissen vindt dit optreden dan toch helemaal de perfecte symbiose tussen beeld en klank. "Animal Arithmetic" -- ook één van die uitschieters op Go -- bouwt op en op, één en al percussie en belletjes, het afsluitende "Grow Till Tall" tilt dit concert op tot de eenzame hoogte waarop we Sigur Rós meermaals zagen concerteren. Op het scherm woedt storm, regen en wind houden huis, bliksem; de muziek gaat daar in mee. Jónsi's zang wordt herleid tot woordeloos gesteun. En zo is het goed; we zijn terug waar het ooit begon. Bij de oerkracht die zijn moedergroep is. Hopelijk neemt de zanger wat hij met deze zijsprong heeft geleerd terug mee wanneer de kinderen hun eerste pasjes hebben gezet, en de band opnieuw samenkomt.

Samengevat? Vijf op vijf voor het theater, een tweeënhalf voor het concert.

E-mailadres Afdrukken
 
Jonsi

Uit ons archief
Banner

TEST