Banner

Valet + Inca Ore + Jackie-O Motherfucker

8 november 2008, Botanique

Jurgen Boel - 10 november 2008

Met de Orangerie, Rotonde en Witloofbar heeft de Botanique niet minder dan drie heel uiteenlopende zalen die zich uitstekend lenen voor verschillende stijlen en groepen. Naast de grotere klassieke Orangerie is er ook de gezellige, intieme Rotonde terwijl de Witloofbar zich uitstekend leent voor psychedelische freak-outs.

{image}Er is met andere woorden geen betere locatie te bedenken voor de acid/kraut/freak-out-rock van het Amerikaanse Jackie-O Motherfucker, een groep die al tien platen lang via allerlei psychedelische sluipwegen jazz, folk, blues en rock met elkaar verbindt. De groep rond Tom Greenwood maakt er een punt van om de eigen songs live te deconstrueren, te herinterpreteren, opnieuw op te bouwen en volledig gemuteerd los te laten op het publiek. Geen twee optredens zijn dan ook dezelfde, zelfs al worden dezelfde songs gebracht.

Bandlid Honey Owens bracht enkele maanden geleden haar tweede soloplaat, Blood Is Clean, onder de naam Valet uit en treedt ook deze avond onder deze noemer op. Het etherisch/esotherisch getokkel dat op plaat tussen intrigerend, boeiend en meeslepend in zweeft, klinkt live vooral vervelend, enerverend en slaapverwekkend. Owens brengt er bitter weinig van terecht en laat al meteen het ergste voor de hele avond vrezen.

Inca Ore, pseudoniem van Eva Saelens, doet geen moeite om die angst te ontkrachten. De vervangster van het oorspronkelijk geprogrammeerde White Rainbow stelt met haar keyboard en enkele vervormde zanglijnen het geduld van het aanwezige publiek zwaar op de proef. Steeds meer lijkt het er dan ook naar uit te zien dat dit een avondje van weliswaar goedbedoeld maar bovenal doodvervelend elitair gezwam zal worden. Ook Jackie-O Motherfucker, ditmaal met vier leden (op Tom Greenwood na zijn er geen vaste leden), start aanvankelijk onder een zwak gesternte maar wint gaandeweg wel aan impact.

De uitgekiende mix van muziekstijlen wordt, nog meer dan op de platen, door een psychedelische en esoterische toets met elkaar verbonden waardoor het publiek automatisch meedrijft naar hogere sferen. De groep breit zijn eerste nummers aan elkaar tot één lange uitgesponnen psychedelische jam die langzaam maar zeker aan kracht wint. Aandachtige luisteraars en kenners kunnen binnen het geheel ondermeer een vervormde “Hey, Mister Sky” herkennen maar eigenlijk doet dat er niet toe. Jackie-O Motherfucker reconstrueert zijn nummers tot een tranceopwekkend geheel dat net geen hallucinaties oproept.

Door een slordig anderhalf uur lang een knappe mix van improvisatie, out there muziek en vormexperimenten te brengen, redt Jackie-O Motherfucker niet alleen de meubelen maar bewijst hij ook dat er voor dergelijke muziek wel degelijk een plaats is binnen het concertwezen. Valet en Inca Ore mogen deze avond dan wel niet verder geraken dan onnodige gepruts, met Jackie-O Motherfucker wordt nog maar eens duidelijk dat muziek die buiten de lijntjes kleurt, net zo goed op meer dan een intellectueel niveau kan boeien.

E-mailadres Afdrukken