Banner

Dez Mona

“Er zitten veel thema's in het album, dus in die zin vond ik het wel mooi om het “Book of Many” te noemen”

Kathy Van Peteghem - foto's: Marcel Lennartz - 13 februari 2019

Op 1 februari kwam “Book Of Many” uit, de 6de plaat van Dez Mona. De band rond zanger Gregory Frateur moest zich na het vertrek van bassist en sterkhouder Nicolas Rombauts even herbronnen. Maar ook dat is alweer gelukt, want hoop staat altijd centraal, ook in het leven van Frateur zelf.

enola: De vorige plaat “Origin” dateert van 2015. Ondertussen is er heel wat gebeurd, onder andere het vertrek van Nicolas Rombouts. Was dat een grote schok?

Gregory Frateur: “Dat was een behoorlijke schok, ik had het niet zien aankomen. Weet je, Dez Mona is altijd een groep geweest met een stevige emotionele betrokkenheid. Onze muziek vraagt veel emotionele inspanning, en ik denk dat het voor hem na 13 jaar intensief samenwerken op was tussen ons, bij hem leefde al langer het gevoel dat hij ermee wou stoppen. Voor mij was het ook intensief, alleen ging ik er blijkbaar op een andere manier mee om. Achteraf is wel gebleken dat het voor ons beiden de juiste keuze was, we zijn nog altijd bevriend nu.”

enola: Moest je Dez Mona heruitvinden na zijn vertrek?

Frateur: “Dez Mona bestond al langer dan de samenwerking met Nicolas, dus ik wist dat zijn vertrek niet het einde van de band was. Maar dat nieuwe begin, dat zag ik op dat moment niet onmiddellijk. Na de tour voor “Origin” heb ik al mijn muzikale activiteiten op een heel laag pitje gezet, ik wou mezelf de tijd geven om na te denken. Ik heb even mijn toevlucht gezocht in de danswereld, want ik ben intensiever gaan samenwerken met Ann Van den Broek. Een hele andere wereld openbaarde zich toen voor mij, want ik stond tussen de dansers als gelijke, niet als muzikant. Die samenwerking heeft me ook de ruimte gegeven om na te denken, het was goed dat ik met andere perspectieven geconfronteerd werd.”

alt

enola: Kadert daar ook je samenwerking voor de film “Skai Blue” in?

Frateur: “Ik had de vraag gekregen van mijn partner Guido Verelst, de regisseur van de kortfilm, om een nummer te maken. Samen met Tijs Delbeke en Roel Van Camp ben ik eraan begonnen, en zo is de bal terug aan het rollen gegaan, want het was plezant en inspirerend. Vroeger schreven Nicolas en ik eerst de nummers, en pas daarna stapten we naar de band. Nu was het contact met de anderen veel rechtstreekser en intenser, toch voor mij. Toen begon ik te denken dat ik misschien niemand hoefde te zoeken om Nicolas te vervangen, misschien moest ik meer nadenken over wie er mij nog wel omringde.”

enola: “Book of Many” leunt grotendeels op je stem, de piano en de accordeon.

Frateur: “We hebben ons daar ook rond beperkt, ook al bespeelt Tijs meerdere instrumenten. Voor ons was het een oefening om ons tot de essentie te beperken: Tijs aan de piano, Roel aan de accordeon en Sjoerd (Bruil) met zijn elektrische gitaar. Ook al heeft Sjoerd voor veel sfeer errond gezorgd, het was echt leuk om ons te beperken tot de essentie.”

enola: De eerste helft van het album is rustig, bij “Another Kind Of Life” en “Lament” gaat het tempo omhoog. Zijn die twee songs bewust in het midden geplaatst?

Frateur: “Misschien is het niet meer van deze tijd, maar voor mij moet een plaat nog altijd als luisterervaring gemaakt worden. Zo klopt, voor mij althans, de spanningsboog van het album. Wij zijn sowieso een groep die heel dynamische muziek maakt, niet elk nummer is gebaseerd op hetzelfde stramien. Dat is dan wat moeilijker voor het publiek om onze songs te definiëren, maar wij hebben altijd al zo geschreven.”
“Het midden van de plaat mocht dus gerust iets donkerder worden om daarna weer terug te vertrekken met de accordeonpartij. En dan hoopvoller met “High Up The Sky” en “Darkest Hour”, dat voor mij helemaal over hoop en thuiskomen gaat. Eigenlijk zijn dat thema's die altijd in mijn nummers zitten, maar ik heb nu voor de eerste keer specifiek over oorlog geschreven, ook door de vraag die ik van de organisatie GoneWest gekregen had. Die specifieke nummers zijn ook wel meer een reflectie op hoe de situatie vandaag is.”
“Het schrijfproces loopt voor mij altijd organisch, ik denk er niet te hard over na. Alleen was de samenwerking met de anderen nu dus veel intenser: zo is “Darkest Hour” eigenlijk een compositie van Roel, “High Up The Sky” is van Tijs, en “Lament” is van Sjoerd. En op die manier is het album dan weer meer “van ons”, meer dan ooit tevoren. In die zin kan je zeggen dat we teruggekeerd zijn naar hoe Dez Mona ooit begonnen is.”

enola: Dan deed het zeker wel deugd om samen naar het zuiden van Frankrijk te trekken voor de opnames?

Frateur: “Ik vond het heel belangrijk dat er een thuisgevoel inzat. Ik heb al jaren een heel sterke band met de Provence en de Ardèche, als ik daar een jaar niet ben geweest, voel ik mij onwennig. Een week kan al genoeg zijn om er terug tegen te kunnen. Ik voel me er thuis, en ik vond het dus belangrijk dat dat gevoel ook op de plaat terug te vinden is. We steken het ook niet weg dat we niet in een “normale” studio hebben opgenomen: de opnames waren in de zomer, en de krekels waren heel heftig, dus staan ze er ook gewoon op. Ik vind dat nu wel leuk, want je hoort een plek en je hoort een moment.”

enola: Dat geeft ook wel een andere dynamiek binnen de band?

Frateur: “Absoluut, al vraagt het veel van iedereen. We hebben voor deze plaat samengewerkt met Dave Menkehorst. Hij moest zijn heel hebben en houden naar ginder verhuizen, wat niet evident was (lacht). Bovendien hadden we geen pre-scouting gedaan, we wisten dus ook niet of de piano in orde ging zijn. Ik had wel een opname gehoord via mijn telefoon, maar dat weet je nog altijd niet echt of het goed genoeg zal zijn. Dat was een beetje riskant, maar we voelden ons allemaal comfortabel bij het idee dat die beperking ook goed kon uitdraaien. Enkele nummers hadden we al live gespeeld voor we gingen opnemen, dus de plaat was op vier dagen af, met nog een dag voor wat overdubs. Het verliep allemaal heel relaxt, we begonnen om 11 uur en we stopten om 18 uur.”

enola: En er staan terug enkele instrumentale nummers op de plaat.

Frateur: “Toen we achteraf het materiaal beluisterden, was het voor mij al snel duidelijk dat “Piano” en "Accordion" aparte instrumentale nummers moesten worden. Ik vind instrumentale nummers sowieso heel schoon, we hebben dat vroeger ook nog gedaan, wel niet op alle platen. En die twee composities, die gebeurden gewoon op dat moment.”

enola: Je teksten zijn melancholisch, maar toch zit er hoop in. Komt dat omdat je een tijdje minder in de muziek gedaan hebt?

Frateur: “Misschien wel. Er is de laatste drie jaar een en ander veranderd in mijn leven. Er zijn momenten geweest waarop ik echt moest vechten om het licht te zien. Ondertussen is mijn dochter 5 jaar en mijn zoontje 15 maanden, en zij helpen me om het licht wel te zien. Bovendien heb ik ondertussen ook al twee jaar een relatie. Al die dingen staan symbool voor de hoop, en dit werd automatisch een heel belangrijk element in de teksten. Ik voelde ook wel de noodzaak om die hoop te vertolken, ook al zijn mijn teksten geen handleiding, er staat niet in “zo moet het”. Maar ik stel wel altijd vragen. Aan mezelf, maar ook aan anderen. Er zit altijd een zekere openheid in mijn teksten.”

enola: Heb je terug met Craig Ward samengewerkt?

Frateur: “Ik werk eigenlijk al met Craig sinds SÁGA. Onze samenwerking is ondertussen wel veranderd, omdat ik al zoveel geleerd heb: hoe ik aan een tekst werk, wanneer ik een tekst naar hem stuur. Niet rap rap iets doen, en dan doorsturen, daar is hij heel duidelijk in (lacht). Maar het is heel plezant want je begint anders na te denken over het schrijven van een tekst. In het begin deed ik dat niet graag, dat was het minst leuke aan muziek maken. Terwijl ik er nu graag en lang aan werk. Ik heb ook echt de tijd genomen om onderzoek te doen: rond vormen van poëzie, hoe je inhoudelijk werkt, zonder al te veel metaforen te gebruiken. Of wanneer je beter wel metaforen gebruikt. Vroeger was ik daar wat nonchalanter in. Let wel, ik sta nog altijd achter alle teksten die ik geschreven heb, maar soms denk ik dat ik het nu anders zou doen.”
“Maar ik ben wel blij dat ik er een plezier in ontdekt heb, en dat is ook dankzij Craig. Er is een fascinatie voor die taal, die niet mijn moedertaal is. Ik denk er ook anders over na dan Craig, voor wie Engels wel zijn moedertaal is. Ik vind dat geen beperking, want hierdoor bekijk je die taal anders. Wat soms al eens tot een iets exotischer taalgebruik leidt, al ziet hij er wel op toe dat er geen grove fouten in staan. We hoeven het echter niet altijd eens te zijn: als ik vind dat een bepaald woord een betere klank heeft in de functie van de song, kan daarover gesproken worden. Want het gaat nog altijd over het maken van muziek.”

enola: Heeft de titel een bepaalde betekenis?

Frateur: “Dat komt uit “Darkest Hour”, en is echt iets van Craig. De werktitel van de plaat was de eerste song op het album, “Half River, Half Man”, omdat dat ook een van de eerste songs was die ik geschreven had. Maar toen we aan “Darkest Hour” werkten, stuurde hij mij de tekst terug. Hij had de titel veranderd in “Book of Many”, omdat hij vond dat “Darkest Hour” al zoveel terugkwam in de tekst. Maar ik hield wel van dat repetitieve. “Book of Many” bleef wel hangen, ook al klinkt het misschien raar voor een plaat, die tenslotte een verzameling songs is, en geen boek. Maar aan de andere kant wordt er in de tekst ook verwezen naar brieven, en die brieven staan voor mij symbool voor de hoop.”
“Ook zijn de teksten op het album niet echt thematisch verbonden: er staat een liefdeslied op, iets over vluchtelingen, oorlog, vriendschap, outlaws (“Another Kind of Life”). Er zitten veel thema's in, dus in die zin vond ik het wel mooi om het album “Book of Many” te noemen. En ik niet alleen trouwens, ook de rest van de groep vond het een goed idee.”

E-mailadres Afdrukken
Tags: Dez Mona
 
Dez Mona
Caroline Benelux
www.dezmona.com/home

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST