Banner

Kasabian

West Ryder Pauper Lunatic Asylum

Lennert Hoedaert - 14 september 2009

Kasabian mag dan wel een door NME gehypete mega-act zijn aan de andere kant van het kanaal, in Europa blijft de clubscene groot genoeg. Toch is het nieuwe West Ryder Pauper Lunatic Asylum — tegen de verwachtingen in — zo slecht nog niet: in de groep blijkt zich een little Oasis op acid schuil te houden.

Met Kasabian uit 2004 werd het viertal uit Leicester — net voor Editors, Bloc Party en Kaiser Chiefs de boel overnamen — meteen vergeleken met Primal Scream. Daar zaten de screamadelica-trekjes al eens voor iets tussen. Ook Oasis was een referentie, dankzij arrogante uitstraling van de groep en de stem van Tom Meighan. Het titelloze debuut bleek bovendien een bron van stadiongevoelige hymnes ("Club Foot"), voor grote hits als "Lost Souls Forever" en "Processed Beats" en ideaal voor het opluisteren van videogames ("Reason Is Treason"). Opvolger Empire kon ondanks de lauwe kritieken toch ook de harten van het Britse indiepubliek raken. De hamvraag: volgt nu de definitieve erkenning bij het continentale publiek?

Met de lekkere riffer "Underdog" en "Where Did All The Love Go?" neemt Kasabian alvast een gezwinde start. Vooral de rauwe gitaren in het tweede nummer nodigen de computerverslaafde jeugd van tegenwoordig — daarover brengt Meighan hier een klaagzang — uit zich uit te leven op de dansvloer van een zweterige rockclub. Maar toch klinken beide openers niet als typische Kasabiantracks: daarvoor zijn ze iets te ingetogen, niet meteen in staat om een stadion in te pakken.

De rasechte Britpoppers hoeven niet te wanhopen, want iets later volgt "Fast Fuse": een hevig ontvlambare song met een dansbaar, scheurend basgeluid en dito gitaarwerk. Hoewel het instrumentaal gezien iets subtiels heeft, kan het refrein ("come light in the skylight / come light me in the sky") zeker overvolle arena’s in vuur en vlam zetten. "Vlad The Impaler" klinkt dan weer als de vertrouwde mix tussen elektronica en indierock.

Tussen deze nummers in gaat de controle wel eens verloren, zoals tijdens het psychedelische "Thick As Thieves" en de pingelende gitaar in "Take Aim", waar Kasabian zich van zijn meest bescheiden — versta: instrumentaal genietbare — kant laat zien. In het country "West Ryder Silver Bullet" gaat Meighan zelfs in duet met actrice Rosario Dawson. We belanden plots in het Wilde Westen, alleen het waarom is niet echt duidelijk. De onopvallende eindfase, met het funky "Fire" en het gospelachtige "Happiness", is door het gebrek aan dynamiet evenwel geen kers op de taart geworden.

Met de gekke albumtitel, verwijzend naar een psychiatrische kliniek in West Yorkshire, en de sixties aandoende hoes konden de nodige voorzorgen genomen worden: West Ryder Pauper Lunatic Asylum gaat duidelijk voor minder Oasisachtige pretentie en bombast, maar voor meer psyschedelica en creativiteit, wat de kwaliteit van de songs ten goede komt. Misschien komt de zelfverklaarde geniale gek in Sergio Pizzorno toch ooit aan de oppervlakte?

E-mailadres Afdrukken