Banner

Racebannon

Acid Or Blood

Guy Peters - 24 september 2008

In tijden waarin de zelfverklaarde koningen van de heavy metal elk een eigen privé jet ter beschikking hebben en meer dan vijftien jaar (!) aanmodderen kwijtgescholden weten door nog eens een album uit te brengen dat wél van een aanvaardbaar niveau is, kunnen bands die niets met dergelijke onzin te maken willen hebben gelukkig nog in de marge terecht. Nog niet eerder van Racebannon gehoord? Eerlijk gezegd: wij ook niet. Daar brengt Acid Or Blood voor eens en altijd verandering in.

Dit kwartet uit Indiana is op alle vlakken een buitenbeentje: de bassist is in loondienst bij chanteuse Scout Niblett en eerdere albums verschenen via label Secretly Canadian, beter bekend als de thuisbasis van o.m. Antony & The Johnsons, Jason Molina en Damien Jurado, breiers van geluidstapijtjes die als een tang op een varken op de ketelherrie van Racebannon staan. Hun sound omschrijven is een beetje als een Belgische regering vormen zonder te wanhopen van ellende: er is geen beginnen aan.

Wie het toch wil wagen, kan misschien melding maken van een tussen experimentele hardcore, freakmetal en noise gesitueerd geluid. Nu eens doet de band denken aan een extremer Faith No More, dan weer aan The Jesus Lizard-meets-Made Out Of Babies, of een Dillinger Escape Plan die zichzelf net niet verliest in ultratechnische notenneukerij waar geen mens nog wijs uitraakt. Inderdaad, Acid Or Blood is verdomd heftig, complex en soms gewoonweg vergezocht, maar er schuilt duidelijk een visie achter en vooral: hier wordt briesend uitgehaald tot de scherven alle richtingen uit vliegen en de rekeningen vereffend zijn.

Net als Life... The Best Game In Town van Harvey Milk, is Acid Or Blood een hondslelijke, compromisloze lap lawaai die stalen zenuwen vergt, de luisteraar laat afzien en dwingt moeite te doen. Met opener “Translucent Lifeforce” gooit de band meteen zijn strafste kaart op tafel: het is dissonant en verwarrend, riffs en gefriemel gaan een vreemde paringsdans aan, de ingrediënten staan haaks op elkaar en lijken amper aanknopingspunten te bieden. Hier is amper nog sprake van strofe vs. refrein-structuren: mechanisch gehak en slingerende, jazzy baslijntjes worden uit de weg gekatapulteerd zoals een verdwaald konijn van de E40.

Het is explosieve én cerebrale muziek, niet in het minst door de vocale schizofrenie van zanger Mike Anderson, een halvegare die kokend hete Italiaans espresso door zijn aderen heeft stromen en een gevecht lijkt aan te gaan met zijn eigen persoonlijke demonen én die van de mensen in zijn buurt. Hoewel hij het brillantine-croonen achterwege laat, heeft het nu en dan iets van de stemacrobatiek van Mike Patton, al compenseert Anderson een minder technisch vermogen met zieke stemmetjes die van Child’s Play een éclatant succes hadden gemaakt.

Het is niet allemaal waanzin wat de klok slaat en extra in de verf gezet wordt door de vreemde chronologie van de songs. In de eerste helft van de plaat zijn naast de opener nog een paar beenharde oefeningen in excentriciteit terug te vinden: zowel “Sister Fucker” als “Vampyric Solution” zullen de gemiddelde hardcore/metal-fan op stang jagen. Daartegenover is er echter ook een repetitieve, haast catchy song als “The Hard Way”, waarmee de vier een heel ander geluid laten horen. Het is meteen ook een indicatie dat de rest van de plaat al even apart is.

Voor een groep die uitzinnige chaos en enthousiaste rebellie in het vaandel lijkt te dragen wordt er vaak gas teruggenomen: na de heftige eerste helft van “The Killer” volgen er immers drie minuten gezoem, dan een minuut tegen de grindcore aanleunde teringherrie (“Terror & Dread”), die op zijn beurt gevolgd wordt door een sinister samengaan van ruis en pseudo-satanische gezangen (“Bella Ciao”), iets wat zich het best laat omschrijven als een doom-pastiche (“Bad Case Of...”) en een tweede repetitieve noisy instrumental (“Motherland Remix”). Het is best boeiend als nagedachte bij het vurige begin, al valt het ook op dat het laatste kwartier van de plaat zo wat mager uitvalt.

Als de band experiment en furie beter had afgewisseld, dan hadden de hoogtepunten de wat flauwe(re) vulsels kunnen compenseren en was de plaat als geheel wat verteerbaarder geweest. Nu is Acid Or Blood een moeilijke, maar verdomd inventieve plaat die zijn eigen creativiteit wat onderuit haalt met een overdosis arty nonchalance. Desalniettemin blijft dit uitgelezen kost voor zij die hun hardcore graag geschift, gewelddadig en gecompliceerd hebben, want Racebannon geeft het genre een vitaliteit en kleur die het dezer dagen al te vaak moet ontberen.

E-mailadres Afdrukken
 
Racebannon
Southern / http://www.racebannon.net
www.racebannon.net

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST