Banner

The White Stripes

Icky Thump

Joris Vanden Broeck - 20 juni 2007

Van opgefokt bluesduo naar een van ’s werelds grootste rockbands: het zal je maar overkomen. Hooggespannen verwachtingen zijn je deel, maar in het geval van The White Stripes worden die probleemloos ingelost en hier en daar zelfs overtroffen.

Tien kaarsjes mogen Jack en Meg White uitblazen. In dat decennium is er weinig en veel veranderd. Hun populariteit is waanzinnig toegenomen, tot op het punt dat de groep verplicht wordt te spelen op festivals en in zalen die eigenlijk te groot zijn voor hun aanpak, maar verder zweren The White Stripes nog steeds bij rood en wit, is hun geluid nog steeds even ongepolijst en wordt naar een nieuw album nog steeds even reikhalzend uitgekeken als naar een oase in een woestijn.

Om dat uitkijken een beetje draaglijk te maken, is het een leuke bezigheid het wachten te verkorten door de voltallige back catalogue van het duo erdoor te jagen. Als je dat in chronologische volgorde doet, vallen er enkele dingen op. Hoe sterk het laatste album Get Behind Me, Satan ook is, twee jaar na de release heeft de plaat al veel van haar pluimen verloren en steekt ze magertjes af tegen haar voorgangers. Kwalitatief stralen de nummers nog heel wat kracht uit, maar misschien was het een beter idee geweest de plaat als twee e.p.’s op de markt te gooien, kwestie van twee coherente albumettes te hebben in plaats van één gekunsteld album.

De pauze die volgde na ... Satan voedde de geruchtenmolen als zou het duo leeggeschreven zijn en het voor bekeken houden, een veronderstelling die nog gevoed werd toen Jack White vorig jaar met The Raconteurs aan een indrukwekkende opmars begon. Een jaar later liggen de kaarten evenwel totaal anders en houden The Raconteurs het een tijdje rustig, terwijl The White Stripes klaar staan om vriend en vijand te overrompelen met Icky Thump. En zoals de single en titeltrack al enkele weken doet vermoeden, zal dat overrompelen geen probleem vormen: de nieuwe — zesde alweer! — White Stripes is zo indrukwekkend als maar zijn kan, en laat een groep horen die blaakt van de energie en creativiteit, al moet ook nu weer de opmerking gemaakt worden dat het album net iets te wispelturig is om stand te houden naast het nog steeds onovertroffen White Blood Cells.

Zo slingeren The White Stripes deze keer vrolijk langs een vintage Stripes-nummer als "300 M.P.H. Torrential Outpour Blues", over de marriachi-achtige Corky Robbins-cover "Conquest", naar het absoluut bevreemdende "Prickly Thorn, But Sweetly Worn", een song die een kruising vormt tussen zweverige sitartoestanden en een jeugdbewegingsliedje. Zo is Icky Thump bij momenten een plaat die een redelijke inspanning vraagt, maar wie het handig speelt, kan met toegankelijke knallers als "Bone Broke" en het heerlijk dreigende "Little Cream Soda" een makkelijk opstapje nemen om de plaat van binnenuit te leren kennen.

Hoewel de groep zichzelf vroeger nog aan regeltjes onderwierp, zijn nu — op het Leuvense kleurgebruik na — alle beperkingen weggevallen: na de marimba op ... Satan doen nu zowaar synthesizers, trompetten én (in het psychedelische "St. Andrew (This Battle Is In The Air)") een doedelzak hun intrede. Ondanks al die vernieuwing is het toch met het vertrouwd klinkende "A Martyr For My Love For You" dat Jack en Meg White het meeste weten te overdonderen op een al bij al zeer indrukwekkend Icky Thump.

Op deze nieuwe plaat weten The White Stripes alweer op een tijdloze manier kwalitatief hoogstaande inhoud in een zeer aantrekkelijke verpakking te steken, een combinatie die hen op gelijke voet brengt met groten als Led Zeppelin, Robert Johnson en Bob Dylan. Mocht u nog twijfelen al dan niet uw knalrode T-shirt en lelijke witte broek uit de kast te halen: weet dat The White Stripes opnieuw uiterst scherp staan.

E-mailadres Afdrukken