Banner

Foxygen

Seeing Other People

6.5
Marc Goossens - 30 april 2019

Het spitante tweespan Sam France en Jonathan Rado - beter bekend als Foxygen - heeft een nieuwe plaat uit. Die begint zoals steeds nogal hups en schiet daarna alle kanten op, maar wisselt ook opwindende songs af met enkele ongeïnspireerde momenten.

alt

Seeing Other People is trouwens de laatste plaat van Foxygen, of beter gezegd, alwéér de laatste - met elk album sluit het tweetal immers een tijdperk af. De fans weten dat, maar deze keer zorgde de titel toch wel voor enige verwarring. Want “Seeing other people”, is dat niet meer iets waar echtelieden in een uitgeleefd huwelijk naar snakken? Zouden de twee, die sinds hun vijftiende samen muziek maken, deze keer echt op elkaar uitgekeken zijn?

Om misverstanden uit de wereld te helpen meldde France op de website van Jagjaguwar dat Foxygen inderdaad afscheid neemt, maar dan van alle zottigheden die het popsterrenbestaan met zich meebrengt: de drugs, de feestjes, het uitputtende rondreizen (er is voorlopig ook geen tour gepland), de angstaanvallen, de bloedzuigers en ook nog dat “beating myself up because I didn't fit into those leather pants anymore”.

Blijkbaar is er maar weinig waar de twee niét van hebben geproefd, en dat geldt ook voor de muziek. Psychedelische pop, glamrock, seventies soul, folk, elektro, indie, lo-fi, barokpop of gewone pop: het sukkelde allemaal weleens in de keukenrobot van muzikaal brein en multi-instrumentalist Rado, om daarna door France overgoten te worden met een laagje camp. Dat daarbij werd gebalanceerd op de slappe koord tussen pastiche en parodie is onvermijdelijk, maar Foxygen is geen Sparks en Rado en France gingen ook weleens plat op hun gezicht.

Op Seeing Other People komt vooral de pop uit de jaren tachtig in het vizier. Foxygen beloofde zijn label een album vol met hits, en de meeste songs lijken op het eerste gehoor dan ook op dingen die in de eerste helft van de eighties in de hitparade stonden. Dat was het tijdperk waarin het bij veel mainstreampopsterren draaide om uiterlijk vertoon. Veel blitz en glitz dus, maar hier voorzien van door France en Rado vakkundig aangebrachte krassen en deuken.

Dat pakt, zeker in de eerste nummers, aardig goed uit. “Dat kén ik!” denk je bij de eerste tonen van “Work”, maar nee, het is geen herwerking van “Let’s Hear It For The Boy”. Al gauw worden zowat alle knoppen van de mengtafel naar boven geschoven en verandert de song in een sonische splinterbom. Het is niet meer dan een waarschuwingsschot, want met “Mona” - synthpop die verre familie is van “Baker Man” van Laid Back - en het titelnummer - jazzy soulpop waarin France een eerste keer de crooner in zich uitlaat - wordt meteen weer flink gas teruggenomen.

De eerste helft van de jaren tachtig, leerden we toen ook niet ene Prince Rogers Nelson kennen? Welaan dan, moet Rado gedacht hebben toen hij “Face The Facts” aan elkaar lijmde, “zo had de elektrofunk van zijn eerste platen kunnen klinken als ík in het goddelijke lijfje van Prince was geboren.” Tot hier nog steeds geen klachten over het feestje. De cocktails vallen in de smaak, de slingers en de ballonnen blijven mooi hangen en het confettikanon werd tot groot jolijt van de gasten een eerste keer uitgetest.

Toch wordt de klok hierna een paar jaar teruggezet. “Livin’ A Lie”, waarin France afrekent met zijn demonen, neigt meer naar bedaagde seventies-rock-van-een-band-op-zijn-retour. “News” begint als een niet-onaardige popdeun uit de jaren tachtig, maar sluit zich dan toch maar aan bij “Livin’A Lie”. Niet kwaad, zeker niet, maar het zet toch een beetje een rem op de feestvreugde. “The Thing Is”, geprangd tussen die twee songs, is het onstuimige broertje van “Hungry Heart” van Bruce Springsteen en weer zo’n moment dat Foxygen uit de bocht vliegt.

Maar beter wordt het niet meer. Hoewel we onze feestballonnen goed hebben dichtgeknoopt, lopen ze naar het einde van de plaat toe toch langzaam maar zeker leeg. Waren de ideeën op, hadden ze er plots geen zin meer in of zat er weer een haar in de boter? In “Flag At Half-Mast” - nomen est omen? - geeft Rado wel een paar aanzetten tot een song, maar France verklankt vooral hoe Mick Jagger zich voelt als hij kampt met buikkrampen. Slotsong “Conclusion” hangt ook met haken en ogen aan elkaar en zou zelfs door collega-flurk Nic Offer van !!! meteen onder de mat worden geschoven voor iemand anders het te horen kreeg.

Is Seeing Other People dan een slechte plaat? Verre van, maar ze is ook niet goed genoeg om van begin tot einde te boeien. Aan ideeën ontbreekt het Rado en France niet, maar er worden in de tweede helft te veel kansen voor open doel gemist. Foxygen had hier met evenveel moeite een goede ep uit kunnen puren, het werd daarentegen een wisselvallige plaat met zes uitstekende en drie zwakke nummers… “Seeing Other People”? Als je Rado’s productie hoort op Titanic Rising van Weyes Blood, lijkt ons dat geen slecht idee.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Foxygen
 
Foxygen

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST