Banner

Lilian Hak

Lust Guns & Dust

5.5
Tom De Moor - 05 maart 2013

Na het uitspitten van het monochrome filmarchief, trekt Lilian Hak nu haar boots aan om door een westernwoestijn te struinen. Ditmaal zit ze niet altijd even stevig in het zadel en is het voornamelijk dankzij de hulp van cowboy Henry dat ze onze aandacht hoog kan houden.

Deze Utrechtse chanteuse put al langer dan vandaag inspiratie uit Hollywood. Op Old Powder New Guns gebruikte ze gretig oude filmmuziek als inspiratiebron, met een aardig warm old-school resultaat. Voor haar vijfde studioplaat zocht ze een specifiekere filmfocus op. Ze trok zich zes maanden lang in Berlijn terug om de spaghettiwestern te bestuderen -- Joost mag weten welke link die twee met elkaar hebben -- voornamelijk om een vrouwelijke stem te verlenen aan een wereld waarin traditiegetrouw de man nog steeds quasi exclusief de sporen draagt.

Qua sfeerschepping schiet Hak direct in de roos: sluit de ogen tijdens de openingsnoten van “Seven Miles” en je ziet tumbleweed door je woonkamer razen. Toch moet ze opletten om met haar interpretatie van het genre niet in clichés te vervallen. “Seven Miles” mag dan wel een stevig paar boots aanhebben, de gitaarriff en de achtergrondvocalen smaken soms net te sterk naar hoe The Strangers hun cowboyjaren beleefden. Gelukkig kan een lekker ranzige bridge de balans rechttrekken. De rekwisieten durven het grotere plaatje wel eens tot bordkartonnen decor te reduceren: de indianendans en het kampvuurhandgeklap werken de zwoele saloondans “Man With Two Faces” ook eerder tegen. Deze karikaturale toon had Hak steviger moeten weren, later teistert hij ook nog de intro van de voorts vette Tarantino-knipoog “Big Talk (For A Little Gun)”.

De beste tracks van deze plaat zijn diegene die zich verder van de inspiratiebron ophouden. Het aardige “Dish The Dirt”, oftewel Jackie Cane in Nederland, bijvoorbeeld: geen uitspringer, maar een bescheiden nummer dat zich mooi ontvouwt. De ware hoogvliegers zijn de twee samenwerkingen met Ozark Henry, die zich eerder op het territorium van diens droompop verschansen. In “This Place Is Burning” vermengen Piet Goddaers aardse atmosferica en Haks etherischere klanken wonderwel en laat het ruigere middenluik de westerninvloed zachtjes binnenwaaien zonder het nummer te willen overheersen. We hijsen de Belgische driekleur nog hoger tijdens “Hold On The Fire”, de absolute parel van de plaat, waarin de twee partijen een dans aangaan op het raakvlak van Moby-melancholie en zachte soul.

Laat er geen twijfel over bestaan dat Hak naast een doeltreffende evocatie van een cactuslandschap ook een degelijke song kan neerpennen. De ballade “You Kept Me Waiting” neemt je met diepe snaaraanhalen en spoken word meteen op sleeptouw voor een speelduur van zeven minuten die op geen enkel moment gaat vervelen, een prestatie die voor een popzangeres als ‘puik’ te bestempelen valt. Bijna onbegrijpelijk dat deze smeulende schoonheid ook achter het misselijkmakend gezapige kampvuurlied “Happy Land” zat, een lied dat huiveringwekkend aan cool-trachtend-te-zijne bezinningsliederen doet denken.

Die ene grove misstap buiten beschouwing gelaten is Lust, Guns & Dust best een sfeervolle plaat geworden. Toch gaat ze in tegenstelling tot de voorganger wel gebukt onder de gekende kwaal der conceptalbums: door rond een afgebakend thema te werken, krijgen sommige songs een karikaturaal kantje dat ze zonder het conceptuele juk waarschijnlijk niet ontwikkeld hadden.

E-mailadres Afdrukken
 
Lilian Hak
Siren Music / Bertus
lilianhak.com

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST