Banner

Radar Bros

The Fallen Leaf Pages

Jurgen Boel - 27 februari 2006

Het is er de tijd van het jaar niet voor, maar dat is het nooit. Weemoed hoort niet gedrenkt te zijn in schijnbare vrolijkheid, ze moet rauw en hard zijn. Het enige dat ons toelachen mag, is het koude staal, niet ons eigen grimmige hoofd dat vanuit de spiegel naar ons grijnst.

We slepen ons zo al genoeg door het leven, daar hebben we geen extra handleiding, laat staan een soundtrack voor nodig. De existentiële verveling hoefde voor ons echt niet op een plaat gepleurd te worden, in de hoop dat de ondertussen al botte mesjes nog wat dieper zouden snijden en onderwijl wat extra ravage zouden aanrichten. Vier albums ver en nog steeds slagen we er niet in om er een touw aan vast te knopen. Misschien is dat maar goed ook, anders bungelden we er ongetwijfeld aan.

Radar Bros blijft lichtvoetig paraderen door een mijnenveld van miserie, en terwijl een kogelregen van wanhoop hen om de oren vliegt, fluiten ze welgemutst hun dodenmars. Ook The Fallen Leaf Pages slaagt er maar niet in een allesoverheersende tristesse los te koppelen van een licht psychedelische Syd Barret meets The Beatles-olijkheid die als een tang op een varken hoort te slaan, maar nog steeds wonderwel werkt. Radar Bros kreunt, treurt en klaagt steen en been maar weet nog voor de haan gespannen wordt de overijverige vingers van hun kramp te verlossen. Mag het u verwonderen dat we er weer als een blok voor gevallen zijn?

"Faces Of The Damned" leunt sterk aan bij licht psychedelische sixtiesfolk: Jim Putnam klinkt haast opgewekt terwijl hij over "bodies in gunshot trenches" zingt. In "To Remember" voegt de rest van de band zich bij hem om meteen een meeslepende wals in te zetten. Met "Papillon" lijkt dan toch een geslaagde ontsnapping te zijn ingezet, maar Putnam, met Bowie-timbre, verlost ons al snel van onze illusies: "You travelled so far to die in my arms." "Government Land" koestert dan ook nog weinig illusies: drums en keyboards laten ons onmiddellijk voelen waar we aan toe zijn terwijl een Beatlesachtig motief zich ontvouwt in psychedelische tapijten.

"We’re Not Sleeping" laat ons onwillig woelen terwijl een allesoverheersende piano de songstructuur bepaalt. Maar het is "Dark Road Window" dat de keyboards zwaar op de hand laat wegen: een koortsige droom mondt uit in een nachtmerrie. Met een loodzwaar hoofd worden we dan ook wakker, "Like An Ant Floating In Milk", terwijl enkele strijkers onze zenuwbanen bespelen. "Is That Blood" geeft aan een zachte gitaar terug de eerste plaats, zelfs al blijven slopende keyboardklanken nadrukkelijk aanwezig: "We will forgive the ones we kill."

Met het botte mes in aanslag ploegen we verder terwijl "The River Shade" donkere lijnen uittekent. Een kleine adempauze voor we de laatste sprint inzetten met "Show Yourself", een soulvolle noot gedrenkt in sarcasme: "Nice to see you, a knife in your back." De kleine opflakkering in "Sometime, Awhile Ago" kan ons niet de nodige troost brengen want "The Fish" spartelt tegen beter weten in op het droge, "lalalalaay" want met "Breathing Again" lijkt het toch nog goed te komen. Of is dat ook maar schijn?

Radar Bros blijft ook met The Fallen Leaf Pages zweren bij een dualistische vrolijkheid-droevenisparadox. De psychedelische songs treden nog altijd niet uit de schaduw van Syd Barret of The Beatles maar ze blijven wel nukkig opgewekt droevig klinken. Waar Elbow na het debuut steeds meer een eigen stem zocht, diept Radar Bros de zijne gewoon verder uit: grimmige weemoed wordt gesponnen in suikerspinnen van cyanide tot men zich met een gelukzalig gevoel de ziel uit het lijf kotst, zich afvragend waar het gif dan wel vandaan kwam. Een prachtig plaatje dus, maar berg voor alle zekerheid toch maar die scheermesjes op.

E-mailadres Afdrukken
 
Radar Bros

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST