Banner

Kapitan Korsakov

Well Hunger

7.0
Steven Vervaet - 25 januari 2010


Kinky Star, 2009

Een paddestoelwolk hangt boven de speakers, de verf bladdert van de muren, de weeë geur van zwavel kringelt omhoog en het is al een beetje in onze broek. Het Gentse trio Kapitan Korsakov heeft z'n eerste plaat uit en we zullen het geweten hebben. Het moet van Tim Vanhamel en co geleden zijn dat we een debuterende band zo gretig hebben weten klinken. De cynische humor van Mclusky, de noise van de vroege Sonic Youth, de vettigheid van Melvins en de gruwelijk misvormde klanken van, uiteraard, Millionaire: Kapitan Korsakov vreet het allemaal op en kotst z'n gal uit op hun eerste langspeler. Het resultaat heet 'Well Hunger', een muilpeer die uw tanden onzacht van hun glazuur ontdoet. Auch!

En een producer als Josh Homme heeft Kapitan Korsakov daarvoor niet nodig. De DIY-aanpak van deze onheilige drievuldigheid spat al van bij de mokerslag 'When We Were Hookers' uit de luidsprekers. De sound scheurt, rammelt en kraakt dat het een aard heeft, maar die rudimentaire, bijna amateuristische inslag vormt geen zwaktebod. Wel integendeel, door de overstuurde sound vat 'Well Hunger' moeiteloos de ranzige sfeer van KKK's optredens én de essentie van kervende noiserock: ongepolijste en pure emoties vanuit de onderbuik.

'Well Hunger' is dus vooral een morsige, maar verpletterende plaat. Vuige parels voor én door zwijnen. Pieter-Paul Devos rochelt een plaat lang withete razernij op terwijl drummer Jonas Van Den Bossche en bassist Pieter Van Mullem met het schuim op de lippen op uw nieren timmeren. Met 'When We Were Hookers', 'Sylvie' en 'Sinksleeping' levert die furie nog verrassend songgedreven en straightforward stroomstoten op, maar de waanzin loert overal om de hoek.

Klonk Millionaire op 'Paradisiac' pas op het eind écht pisnijdig ('Wake Up The Children', 'A Face That Doesn't Fit'!!!), dan legt Kapitan Korsakov de luisteraar vanaf het begin al over de knie. In 'Wild Smile' schreeuwt Devos als een psychiatrische patiënt z'n keel totaal total loss, maar de sfeer wordt pas helemaal ranzig bij 'Cosy Bleeder', 'Fuck Me' en 'The Looder'; drie muzikale snuff movies die alle barrières overboord gooien en compleet over de rooie gaan. Straf om te horen hoe Kapitan Korsakov met een uiterst beperkt budget erin slaagt om verontrustend en ronduit gevaarlijk te klinken. Nee, 'Well Hunger' is geen plaat voor uw volgende etentje bij kaarslicht, op het volstrekt overbodige akoestische niemendalletje 'Untitled' na dan.

Dat Kapitan Korsakov alle conventies in het gezicht spuwt, bewijst de band op het einde van de plaat nog eens met verve. Afsluiter 'Sheep Dip' duurt met z'n 48 minuten namelijk langer dan de negen voorgaande tracks samen. Het is meteen ook een epische synopsis van hun overstuurde sound die kan tellen. Een ware aanslag op uw synapsen en een dolle, maar vermoeiende helletocht waar die van Bunny Munro (zie Nick Cave's laatste schrijfsel) bij verbleekt. Enkel te beluisteren met het telefoonnummer van uw psychiater binnen handbereik!

Kapitan Korsakov is duidelijk te nemen of te laten, een gulden middenweg is er niet. Compromissen krijgen een middenvinger in het gezicht geduwd en radiovriendelijkheid mag het al helemaal ontgelden. Het songmateriaal mag dan niet allemaal even kickass zijn, maar attitude, gewelddadige eerlijkheid en welja, honger hebben de Gentenaren te koop. Het levert een plaat op die vettiger klinkt dan een dubbele Bicky met extra saus. Een cultstatus is in de maak!

www.myspace.com/kapitankorsakov
E-mailadres Afdrukken