Banner

Ben Harper and the Blind Boys of Alabama

There Will Be A Light

Thomas Van Baelen - 25 oktober 2004

Toen we hoorden dat we de nieuwe cd van Ben Harper mochten recenseren, trokken we meteen richting de betere boekhandel om er een superlatievenwoordenboek te kopen. We zijn Harper immers heel wat verschuldigd. Exact tien jaar geleden zorgde hij er eigenhandig voor dat we onze in duivelsteken verkrampte hand uit de lucht haalden, stopten met headbangen en die Biohazard-cd eindelijk uit de stereo haalden om naar Grote Muziek te luisteren.

Harpers debuut Welcome To The Cruel World sneed en snerpte langs alle kanten en vermengde moeiteloos blues, reggae en gospel tot een volstrekt uniek geheel. Op Diamonds On The Inside, ’s mans jongste album met zijn vaste begeleidingsband The Innocent Criminals, kan je horen dat hij niets van zijn oorspronkelijke talent was verloren en daarbij nog eens een pak rijper is geworden.

Op There Will Be A Light laat Ben Harper zich voor de gelegenheid omringen door The Blind Boys of Alabama: drie, what’s in a name, blinde zeventigers die al in de business zitten sinds 1939. “Wat Ry Cooder kan, kan ik ook”, moet Harper gedacht hebben. Of de wereld zo storm zal lopen voor There Will Be A Light als destijds voor Buena Vista Social Club valt echter te betwijfelen.

Nochtans begint het album degelijk, zij het weinig verrassend, met de uptempo discoblues van “Take My Hand” en “Wicked Man”. De eerste climax krijgen we pas bij “Where Could I Go” een moker van een song waarin Harper helemaal zijn heerlijke getormenteerde zelf kan zijn. Ook “Well, Well, Well”, een nummer dat zo lijkt weggelopen uit de setlist van de eerste de beste chain gang, hoort bij het beste en meest intense dat Harper de laatste jaren maakte (“when you’re down on your knees/with nothing left to sell/ try diggin a little deeper/ in the well well well”).

Daarna gaat het jammer genoeg snel bergaf. “Picture Of Jesus” is slechts een flauw afkooksel van de versie op Diamonds On The Inside en ook “Satisfied Mind” en “Mother Pray” twijfelen tussen het zondagavond- en het maandagmorgengevoel. Niet toevallig twee van onze minst favoriete momenten in de week.

Het lijkt af en toe of Harper niet helemaal bij de les was tijdens de opnames. Had hij het te druk met de wandelstokken van zijn nieuwe kompanen te verstoppen, hun geleidehonden aan de staart te trekken of hen bij wijze van practical joke te vragen of de laatste het licht kon uitdoen? We hebben er het raden naar, maar zo strak als met The Innocent Criminals klinkt Harper op dit album maar zelden. Af en toe klinken de vier zelfs als een truttig Barbershop Quartet.

Vooraleer we Harper kunnen voorstellen in zo’n belachelijk rood-wit gestreept uniformpje, en de lachkramp ons het verder luisteren belet, is er gelukkig de magistrale titelsong. De energie die, in al zijn ingetogenheid, uitgaat van dit nummer is grenzeloos. We hebben ons er de voorbije week haast voortdurend op betrapt dat we “There will be/ There will be/ There will be a light” voor ons uit liepen te neuriën. Net op de valreep maakt die ene song toch nog veel goed.

Harper blijft zelfs in zijn zwakste momenten nog eindeloos veel boeiender dan het legertje wannabe artiesten die we dagelijks op JIM-tv en TMF voorbij zien flitsen, maar echt tevreden kunnen we over dit nieuwe album ook niet zijn. Daarvoor staan er te veel twijfelgevallen en uitschuivertjes op. Nog enkele van zo’n missers en die Biohazard-cd kruipt langzaam maar zeker terug naar onze stereo.

E-mailadres Afdrukken