Banner

Transsiberian

5.0
Dennis Van Dessel - 07 oktober 2008




Brad Anderson zorgde een viertal jaar geleden voor een aangename verrassing op het festivalcircuit met 'The Machinist', een sfeervolle thriller waarin een pre-'Batman Begins' Christian Bale zijn ribben en talent showde met een vertolking in de "50 kilo of minder"-categorie. In de gewone zalen zorgde 'The Machinist' niet echt voor ophef, maar Andersons naam als regisseur om in de gaten te houden, was wel gemaakt. Nu, na vier jaar geld te scharrelen bij voornamelijk Spaanse investeerders en episodes van tv-reeksen te draaien om rond te komen in de tussentijd, keert Anderson terug met 'Transsiberian'. De visuele flair van 'The Machinist' is terug, en sporadisch voel je wel de zekere hand van de regisseur in sfeervolle scènes, maar het geheel is te ongeloofwaardig en conventioneel om echt te kunnen overtuigen.

Woody Harrelson en Emily Mortimer spelen de hoofdrollen als Roy en Jessie, een Amerikaans koppel dat op de terugreis is van enkele weken humanitair werk in China. In plaats van het vliegtuig terug naar huis te nemen, besluiten ze eerst - nu ze daar toch zijn - de roemruchte Transsiberische spoorweg af te reizen: van Peking naar Moskou op acht dagen, de langste treinreis ter wereld. Onderweg maken ze kennis met de overduidelijk onbetrouwbare Carlos (overduidelijk voor iedereen in het publiek, maar uiteraard niet voor Roy en Jessie), en zijn vriendin Abby, twee rugzaktoeristen. Wanneer Roy een tijdlang gescheiden raakt van de anderen, dringt Carlos zich steeds meer aan Jessie op. Wat is zijn bedoeling? Wilt hij Jessie alleen maar opvrijen, of heeft hij nog meer sinistere plannen?

In tegenstelling tot de postmoderne, licht-Lynchiaanse mindfuck die Anderson afleverde met 'The Machinist', keert de regisseur zich ditmaal naar een veel oudere en meer algemeen vertrouwde traditie: de treinthriller. Tegenwoordig zijn ze steeds zeldzamer geworden - want hoe vaak maak je in de 21ste eeuw nog een treinreis van meer dan een paar uur? - maar in de hoogdagen van Hitchcock en Agatha Christie-verfilmingen waren ze zo goed als dagelijkse kost, met moord, ontvoering en verkrachting tussen twee coupés. Vooral de geest van Hitchcock hangt nadrukkelijk over 'Transsiberian' te sluimeren, met een premisse die knipoogt naar 'The Lady Vanishes' en nevenpersonages die evenveel ambiguïteit uitstralen als die in eender welke thriller van the master of suspense (Carlos en Abby zijn niet wie of wat ze pretenderen te zijn, zoveel is duidelijk, maar wat betekent dat dan precies voor Roy en Jessie?). 'Transsiberian' is een klassiek geconstrueerde film, die duidelijk werd opgesteld volgens de regels van het spel zoals die ooit werden vastgelegd door Hitch en co.

Tijdens het eerste uur werkt dat ook wel. We krijgen een intrigerende proloog waarin Russisch politie-inspecteur Ben Kingsley de moord op een drugdealer onderzoekt, en daarna laat Anderson op een mooie manier de naïviteit van zijn hoofdpersonages contrasteren met onheilspellende voortekens van de problemen die zullen volgen. Terwijl Roy dolenthousiast vertelt over de Russische spoorwegen (waar hij schijnbaar eindeloos veel over weet), zien we de politie met drugshonden door het middenpad van de wagon lopen - wat geen rechtstreeks plotpunt is, maar de kijker wel op z'n hoede houdt. 'Transsiberian' bouwt de spanning mooi op naar het onvermijdelijke moment waarop de crisis definitief los zal barsten. Het probleem is alleen dat wanneer dat dan eindelijk gebeurt, de film ook meteen wegzinkt in een steeds diepere poel aan ongeloofwaardigheid. Een film als deze is altijd een beetje een goocheltruc, met de regisseur als illusionist die je tijdens de eerste helft de andere richting probeert te doen uitkijken, om dan plotseling een konijn uit z'n hoge hoed te halen. Anderson doet je effectief naar de andere kant kijken, dat is geen probleem, maar wanneer je terugkijkt, blijkt dat zijn konijn aan een ernstig geval van mixomatose te lijden heeft. Oké, da's een ver gezochte metafoor, maar u volgt me wel.

Zoals wel vaker in dit genre, lijken de personages ogenblikkelijk alle logica en gezond verstand overboord te gooien zodra ze in de problemen raken. Het is moeilijk om daar voorbeelden van te geven zonder plotpunten weg te geven, maar laat ons zeggen dat zelfs een filmpersonage wel mag begrijpen dat je niet van de politie kunt gaan lopen op een rijdende trein (of je moet er al afspringen, maar een eerdere scène maakte al duidelijk hoe belachelijk moeilijk het is om zelfs maar een raampje op een trein te openen wanneer dat de plot goed uitkomt). Tijdens z'n tweede helft merk je continu dat er duchtig aan de intrige wordt getrokken en gesleurd om het toch maar allemaal in de richting te forceren die Anderson uit wil. En natuurlijk is élke thriller wel een beetje geforceerd, maar hier werkt de regisseur zich langzaam maar zeker naar de ridiculiteit toe.

Dat alles neemt niet weg dat de visuele stijl, in navolging van 'The Machinist', indrukwekkend is (zeker voor het beperkte budget dat Anderson ter beschikking had), met efficiënt gebruik van kil wit licht en vale, afgebleekte kleuren die de troosteloosheid van de omgeving suggereren. Het Oostblok zal in de cinema nog wel enkele decennia lang geassocieerd worden met armoede, lugubere kerels in leren vesten die je op simpel verzoek een goedkope prostitué of een orgaan kunnen verkopen, en kolerieke babouchka's die hun frustratie met jarenlange communisitische onderdrukking in het gezicht van onschuldige Amerikanen uitschreeuwen als ze niet uitkijken. Hier is dat niet anders - Anderson speelt in op dezelfde vage xenofobie als pakweg 'Hostel', zij het dan wel met iets meer goede smaak en iets meer talent.

Emily Mortimer heeft verreweg de interessantste rol als Jessie, een vrouw die er vroeger een wilde levensstijl op nahield, maar nu gesettled is met kerkganger Roy. Mortimer laat de emotionale bagage van haar personage mooi sluimeren op de achtergrond van elke scène waar ze in zit, wat de illusie van diepgang weet op te wekken in een oppervlakkig personage. Woody Harrelson heeft minder geluk: hij mag de typische naïeve Amerikaan spelen, die kinderlijk enthousiast en stomverbaassd is over vrijwel àlles wat hij ziet (jeetje, kijk daar, een locomotief!), en op geen enkel moment dreigt door te hebben dat er misschien wel vreemde dingen aan de gang zijn. Harrelson krijgt maar weinig om mee te spelen, maar slaagt er zelf ook niet in om iets aan de rol toe te voegen. Woody uit 'Cheers' is nooit ver weg. Naast hen is de belangrijkste bijrol weggelegd voor Ben Kingsley, die hier zijn standaard Russisch accent bovenhaalt en op z'n dooie gemakje door de film slentert, in de wetenschap dat hij hier nog geen honderdste van zijn talent moet aanspreken. Enfin, na 'The Love Guru' is dit alvast weer een stap in de juiste richting - hoewel na 'The Love Guru' zelfs een reclamespot voor aambeienzalf een stap in de juiste richting zou zijn geweest.

'Transsiberian' is een sporadisch intrigerende thriller die aanvankelijk ergens naartoe lijkt te gaan, maar zich uiteindelijk toch maar beperkt tot het voor de hand liggende. Ik veronderstel dat het op de gemiddelde zaterdagavond aanvaardbaar amusement kan betekenen, maar van een regisseur die iets boeiends als 'The Machinist' wist te maken, verwacht je nu eenmaal net iets meer dan dat.

E-mailadres Afdrukken
 
Transsiberian
UK-E / 2008
Regie: Brad Anderson
Scenario: Brad Anderson; Will Conroy
Met: Emily Mortimer; Woody Harrelson; Kate Mara; Eduardo Noriega; Ben Kingsley
Duur: 110 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST