Banner

The Dukes of Hazzard

1.0
Dennis Van Dessel - 21 september 2005




Er was een tijd dat we nog voldoende respect hadden voor mentaal gehandicapten om hen rustig bij familieleden of desnoods in een tehuis te laten zitten, waar er goed voor hen gezorgd kon worden. Tegenwoordig, echter, laten we ze zowel voor als achter een camera plaatsnemen om films te maken als deze 'Dukes of Hazzard', een afzichtelijk stukje cinematisch afval dat enkel het product kàn zijn van geesten die er niet helemaal bij zijn. Ik kon mij niet van het vermoeden ontdoen dat er momenteel ergens ter wereld een reality show loopt waarin enkele mensen met het syndroom van Down bij wijze van experiment zo'n 50 miljoen dollar krijgen om een film te maken. Met dit als resultaat.

De trend om oude tv-programma's terug te brengen als films (of daar nu iemand op zat te wachten of niet), heeft zelden zo'n pijnlijk resultaat opgeleverd als dit. Hoewel je natuurlijk wel moet erkennen dat er een zekere logica achter het procédé schuilgaat: een prent als 'The Dukes of Hazzard' wordt relatief goedkoop geproduceerd en heeft een ingebakken publiek (de fans van het originele programma). Het enige dat je moet doen is op voorhand genoeg reclame maken en je bent al na je eerste week grotendeels uit de kosten, enkel dankzij die fans die sowieso gaan kijken, ongehinderd door recensies of slechte mond-aan-mond. Oké, na de eerste twee weken zakt je film dan wel definitief uit de box office-lijsten weg, omdat zelfs de fans wel inzien dat het onversneden crap is, maar tegen die tijd heb je je slag geslagen. Je budget heb je terugverdiend, iedereen houdt er een cent aan over en je kunt weer verder naar je volgende filmische verkrachting. Om u een beter idee te geven: deze film koste 53 miljoen dollar om te maken, en bracht in z'n openingsweekend (niet eens een week, maar een weekend) 30 miljoen op, nog vóór de pers er deftig z'n tanden in kon zetten. 'The Dukes of Hazzard' is een staaltje ijskoud commerciëel Hollywood-cynisme, een productie waarbij niemand, maar dan ook letterlijk niémand bezorgd was om de minste schijn van kwaliteit - men heeft hier op voorhand simpelweg uitgedokterd hoe men met de minste moeite de grootste som geld kon verdienen, en dat plan hebben ze dan mathematisch in werking gezet.

Het verhaal (wat heet), draait rond Luke (Johnny Knoxville) en Bo Duke (Seann William Scott, ook wel gekend als "de ergerlijkste mens ter wereld"), twee neven en onafscheidelijke vrienden die in Hazzard, een boerengat ergens in het zuiden, hun tijd doorbrengen met het verkopen van de illegaal gestookte drank van hun oom Jesse (Willie "wat doe ik hier in Godsnaam" Nelson) en het rondsjezen in hun Dodge Charger, "General Lee". De twee goedhartige wildebrassen komen achter een snood plan van grootgrondbezitter Boss Hogg (Burt Reynolds), om Hazzard County op te kopen en vervolgens helemaal plat te leggen om plaats te maken voor een koolmijn. Als publiek denk je: "doe gerust, dan komt er tenminste geen sequel", maar Bo en Luke kunnen dit natuurlijk niet over hun kant laten gaan en samen met hun nicht Daisy (Jessica Simpson, God help ons) komen ze in actie om Hazzard te redden.

Wat dan volgt, is een soortement actie-komedie die inspeelt op de (schijnbaar typisch Amerikaanse) notie dat hersenloze destructie inherent vermakelijk is. We krijgen crashende wagens, cafés die aan gort worden geslaan, exploderende brandkasten enzovoort. Van sommige van die pats-knal-boem-momenten kun je dan nog min of meer beargumenteren dat ze deel uitmaken van het verhaal (voor zover dat aanwezig is), maar veel ervan kan ook gewoon weggestopt worden in het hokje "arbitraire vernielingen", die enkel worden uitgevoerd om het jonge volkje wakker te houden. Er gebeurt in feite maar bitter weinig in 'The Dukes of Hazzard', maar het gebeurt allemaal zéér luidruchtig. Op een bepaald moment kijk je op je horloge en merk je op dat je al een uur naar deze onzin zit te kijken, terwijl er feite nog maar een paar dingen zijn vastgesteld in de film. We hebben: a) kennisgemaakt met de personages; b) vastgesteld dat Burt Reynolds de slechte is die van Hazzard een koolmijn wil maken; c) uitgedokterd dat de Dukes daar wel even een stokje voor zullen steken. En dat is alles, dat is waar de film zich na een uur bevindt, hoewel we in de tussentijd wel meer autoachtervolgingen en gedoemde pogingen tot humor hebben moeten verdragen dan u voor mogelijk houdt.

Dat gebrek aan plot en de overmatige nadruk op zinloze actiesequensen zou eventueel nog vergeven kunnen worden als 'The Dukes of Hazzard' enigszins grappig was, of als de actie goed in beeld was gebracht. Maar dat kunt u dus ook al vergeten. De makers van dit ding schijnen te denken dat irritante flauwekul op den duur wel grappig wordt, als je het volume ervan maar luid genoeg zet. Ik geloof, zonder overdrijven, dat een derde van de hele film (minstens een derde) zich afspeelt terwijl de Duke-gebroeders achter het stuur van General Lee zitten en op de vlucht zijn voor de wet, waarbij ze dichterlijke invallen uitschreeuwen als daar zijn: Woohoo, hot damn en yeah! Aangezien de verantwoordelijken zelf ook wel weten dat dat op zich niet grappig is, verplichten ze Johnny Knoxville en Seann William Scott om die teksten steeds luider te declameren. Een flauwe grap is een flauwe grap, maar EEN LUID UITGESCHREEUWDE FLAUWE GRAP IS ALTIJD PLEZANT!

Wat de actie betreft, kunnen we kort zijn: regisseur Jay Chandrasekhar kan niet filmen. Punt uit. De man zondigt continu tegen één van de meest fundamentele wetten van de filmische grammatica: de 180 graden-regel. Om 'm heel eenvoudig uit te leggen: als er iets zich afspeelt op een scherm, mag je in principe in een boog van 180 graden rond die actie filmen. Je zet twee mensen bijvoorbeeld op één imaginaire lijn terwijl ze tegen elkaar praten en je gaat niet aan de andere kant van die lijn staan, omdat je dan een rommelig effect creëert dat desoriënterend werkt voor je publiek. Zoals dat het geval is met alle regels, kun je ook deze af en toe wel eens breken, maar in een actiefilm is het natuurlijk beter dat je dat niet doet, omdat het sowieso al moeilijk is om snelle actie helder in beeld te brengen. Die 180 graden-regel is één van de eerste dingen die ze je aanleren in een filmschool en Chandrasekhar breekt die regel... keer... op keer... op keer... op keer.

Op keer.

Ik zou nog een uitgebreide tirade kunnen beginnen tegen Seann William Scott en Johnny Knoxville, allebei wandelende argumenten voor vroegtijdige levenbeëindiging, of tegen Jessica Simpson, die hier met haar kont en tieten komt schudden en vooral bewijst dat ze geen enkel respect voelt voor de acteerkunst, maar het is gewoon de moeite niet om me er nog verder druk in te maken. 'The Dukes of Hazzard' is een doorzichtige marketingtruc om u van uw geld te scheiden. Laat ze daar in Godsnaam niet in slagen.
E-mailadres Afdrukken
 
The Dukes of Hazzard
USA / 2005
Regie: Jay Chandrasekhar
Scenario: John O'Brien
Met: Seann William Scott; Johnny Knoxville; Burt Reynolds; Jessica Simpson
Duur: 107 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST