Banner

Deuce Bigalow

European Gigolo

1.0
Dennis Van Dessel - 25 augustus 2005




Ik kan niet echt zeggen dat ik ermee heb kunnen lachen op het moment zelf, maar ergens is het bekijken van 'Deuce Bigalow: European Gigolo' best een louterende ervaring. Neem de ergste pijn die u ooit hebt ervaren, hetzij fysiek, hetzij emotioneel - die keer dat u overreden werd en drie jaar revalidatie nodig had om uw linkerpink opnieuw te kunnen bewegen, die keer dat uw grote liefde bekende dat hij/zij al jarenlang een relatie had met Walter Grootaers - vermenigvuldig dat met honderd en u kunt zich misschien een idee vormen. In vergelijking met dit onding, vallen al die gebeurtenissen in het niet - deze film is zo slecht dat het pijn doet. Letterlijk. Fysieke pijn.

Niet dat enig menselijk wezen met de capaciteit om rudimentaire werktuigen te gebruiken en rechtop te lopen daar behoefte aan had, maar toch is dit een vervolg op het onvolprezen 'Deuce Bigalow: Male Gigolo', een zelfverklaarde komedie die in 1999 kwam en ging zonder dat iemand daar echt van wakker lag. Rob Schneider is terug als Deuce, een visexpert die na z'n uren bijklust als mannelijke prostituée. (Het woord "gigolo" wordt trouwens enkel in de titel gebruikt: in de dialogen houdt men het op vrolijker eufemismen zoals "man-whore" en "he-bitch".) Na een jammerlijk voorval waarbij een stel blinden wordt aangevallen door woeste dolfijnen (het klinkt leuker dan het is), vindt Deuce dat de tijd rijp is om andere horizonten te verkennen. Op uitnodiging van TJ (Eddie Griffin), zijn pooier uit de eerste film, reist hij naar Amsterdam, waar een seriemoordenaar één voor één de man-whores aan het afslachten is. Ik zat de hele film lang te bidden dat Deuce zelf aan reepjes gesneden zou worden, maar ho maar, dat plezier is ons natuurlijk niet gegund.

Ooit zal iemand ergens een diepzinnige sociologische studie maken van de manier waarop over de voorbije dertig jaar de televisie erin geslaagd is om onze standaards systematisch te verlagen, zodat we naar dit soort troep zouden gaan kijken. Ik merk het in de reacties die ik op sommige recensies krijg: "deze film is best genietbaar," is dan de teneur, "maar je mag geen al te hoge eisen stellen": van een thriller of actiefilm mag je geen verhaal of goed uitgewerkte personages verwachten, je mag (van geen enkele film, ongeacht het genre) enige logica in de plot verwachten, om de acteerprestaties gaat het gewoonlijk ook niet écht, en eigenlijk kun je best nog je verstand op nul zetten en je blik op oneindig, om "gewoon te genieten". Da's een hele waslijst, vooraleer je nog een goeie film te zien krijgt, maar veel mensen schijnen daar tegenwoordig geen probleem meer mee te hebben: je stelt je eisen zo duizelingwekkend laag, dat àlles oké is. En inderdaad, dan zul je best wat goeie films zien.

Ik laat me gaan, dat weet ik, maar 'Deuce Bigalow' is een perfect symptoom van die ziekte: een film hoeft absoluut geen waarde meer te hebben, het moet nergens op lijken, zolang je het publiek maar kunt wijsmaken dat ze onredelijk zouden zijn om wél enige kwaliteit te verlangen. In het geval van 'European Gigolo' gaat regisseur Mike Bigalow (dat moét een pseudoniem zijn, kan niet anders) volop de toer van de gross-out humor op. Deuce wordt door een reuzin verplicht om een luier aan te doen. We krijgen een dame die keelkanker heeft gehad en nu een gaatje in haar luchtpijp heeft - wanneer ze wijn drinkt, komt de vloeistof er doorheen sijpelen (maar goed ook, anders zou ze allicht stikken met al die wijn; niemand heeft de makers van dit prul verteld dat de slokdarm nog iets anders is dan de luchtpijp). Een andere dame is opgegroeid in Tsjernobyl (Deuce Bigalow weet niet wat daar gebeurd is, maar geen nood: het doelpubliek weet dat ook niet) en loopt nu rond met een penis op haar gezicht in plaats van een neus. Vervolgens krijgt ze een niesbui.

Om nog maar te zwijgen van de klappen die homo's te verwerken krijgen. Ik ben ervan overtuigd dat Rob Schneider, Mike Bigalow (als er al zo iemand bestaat) en/of de rest van het team achter de schermen van dit gedrocht heimelijk homoseksuele neigingen heeft waarmee hij niet kan omgaan, want het constante spervuur aan homofobe grappen is werkelijk weerzinwekkend. The lady doth protest way too fucking much. Niet dat ik plots politiek correct wil gaan doen (God verhoede), homo's mogen al evenzeer uitgelachen worden als gehandicapten, negers en Nederlanders, maar op een bepaald moment is het gewoon niet leuk meer. Hier krijgen we een volledige subplot over de pogingen van pooier TJ om toch maar te bewijzen dat hij hetero is, plus het feit dat alle man-whores in de film uiteraard alleen maar vrouwen "bedienen" en de wenkbrauwen hevig fronsen wanneer één van hen een homoseksuele toespeling maakt. Deze film is niet alleen smakeloos in z'n gevoel voor humor, maar getuigt ook van een naargeestige mentaliteit waar ik een onfris gevoel aan overhield.

Laten we dat al eens even samenvatten: een verhaal is er niet, de humor is zo laag bij de gronds dat je al de lift naar boven moet nemen om de grond te bereiken, de film is homofoob... Wat nog? Het feit dat Schneider niet kan acteren en hier (een genadevol korte) 80 minuten lang laveert tussen de twee gezichtsexpressies waartoe hij in staat is, misschien? Of het feit dat 'Deuce Bigalow' zich, naar goede gewoonte, alweer afspeelt in die fantasieversie van Amsterdam die alleen bestaat uit coffeeshops en hoerenkoten? (Amerikanen kunnen er écht niet van over dat soft drugs in Nederland legaal zijn.) Tja, dat alles valt nog te verwachten. Dat de film zich na het eerste half uur aan een slakkegangetje voortsleept, helpt ook niet - Mike Bigalow weet voor de duvel niet hoe hij de minste spankracht aan een verhaal moet geven (en ik gebruik het woord "verhaal" hier in z'n allerruimste betekenis), en dus krijgen we, zelfs ondanks de ultrakorte speelduur, een aantal scènes die eigenlijk niets in de film te zoeken hebben.

Maar waar ik écht van opkeek, is dat Jeroen Krabbé zich hiervoor liet strikken. Hoewel de man nu niet direct een verpletterende indruk op me maakte met z'n films als regisseur, beschouwde ik hem altijd wel als iemand met goede smaak en intelligentie, juist die twee dingen die in 'Deuce Bigalow' ver te zoeken zijn. Met 'Left Luggage' en 'The Discovery of Heaven' faalde hij, maar hij faalde wel op een eervolle manier. Ik kan me niet voorstellen dat zo'n man acteur is geworden om teksten te debiteren als "We will die together, man-whore!", of: "My penis exploded!"

Ach ja. Een fles Château Petrus erbij, een cd met het goddelijke geweeklaag van Bob Dylan en een boek van de veel te vroeg van ons heengegane Hunter Thompson - moet jij eens komen kijken hoe snel ik dit misbaksel weer vergeten zal zijn.
E-mailadres Afdrukken
 
Deuce Bigalow
USA / 2005
Regie: Mike Bigalow
Scenario: Rob Schneider; David Garrett; Jason Ward
Met: Rob Schneider; Eddie Griffin; Jeroen Krabbé; Hanna Verboom
Duur: 83 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST