Banner

The Fisher King

8.0
Dennis Van Dessel - 06 september 2007




Zelfs de meest extravagante regisseurs komen wel eens een moment in hun carrière tegen wanneer ze weten dat ze het even kalm aan moeten doen. Voor Terry Gilliam kwam dat moment er na 'Baron Munchausen', een peperdure productie die, mede door toedoen van de studio, op een financieel fiasco uitdraaide. De publieke perceptie was dat Gilliam zelf verantwoordelijk was voor het falen van de film: zijn visie zou te groots zijn geweest, hij zou geen compromissen hebben willen sluiten en gewoon in het algemeen de onbuigzame, nukkige artiest hebben uitgehangen. Voor zijn volgende project stelde hij zichzelf dan ook bescheiden doeleinden: hij wilde andermans scenario maken, op tijd en binnen het budget, al was het maar om te bewijzen dat hij daartoe in staat was. En het lukte hem - 'The Fisher King', geschreven door Richard LaGravenese, was de eerste film die Gilliam regisseerde zonder bij het schrijfproces betrokken te zijn geweest. Het werd zijn meest succesvolle tot dan toe, en de reputatie van de regisseur was (althans weer voor een tijdje) hersteld. Het enige dat echt vreemd is aan dat verhaal, is hoe typisch voor Gilliam 'The Fisher King' wel lijkt te zijn. Hoewel hij er pas in een relatief laat stadium bij betrokken raakte, zit de prent alweer tsjokvol met thema's en ideeën die de filmmaker al jaren lang obsedeerden. Mythologie, de verhouding tussen realiteit en fantasie, tussen normaal gedrag en waanzin, tussen verschillende lagen van de samenleving... Als 'The Fisher King' geen Terry Gilliamfilm was toen het draaien begon, dan was het er zeker één tegen de tijd dat hij uitkwam.

Jeff Bridges speelt Jack Lucas, een Howard Stern-achtige shock DJ die in New York elke ochtend enkele weerloze bellers te kakken zet op de radio. Nadat hij tegen één van die bellers een tirade afsteekt over yuppies, heeft zijn cynisme echter onverwachte gevolgen: de man, een eenzame sukkelaar die alleen via het programma van Jack echt contact had met de buitenwereld, neemt een geweer en opent het vuur in een yuppie-café. Door het schuldgevoel sukkelt Jack in een bezopen depressie die drie jaar aansleept. Hij raakt aan lager wal, maar net wanneer hij er serieus aan denkt om er een einde aan te maken, ontmoet hij Parry (Robin Williams), een duidelijk gestoorde, maar verder schijnbaar vrolijke zwerver die zichzelf een ridder op een queeste waant. Jack wil Parry aanvankelijk zo snel mogelijk afschudden, tot hij ontdekt hoe Parry z'n verstand verloor: zijn vriendin werd voor zijn ogen neergekogeld door de yuppiemoordenaar van Jacks programma. Jack voelt zich dan ook verplicht om Parry te helpen.

Zoals elke Gilliamfilm, behandelt 'The Fisher King' een aantal verschillende thema's, die regelmatig in elkaar overvloeien, maar de belangrijkste is waarschijnlijk de manier waarop mensen staan te springen om toch maar te kunnen conformeren aan alle anderen. We ontmoeten Jack als een smeerlap eerste klas, die in zijn radioprogramma uitsluitend mensen aan het woord laat die zich gemakkelijk laten uitlachen of vernederen: mensen die eenzaam zijn, traag zijn, niet goed kunnen praten of net iets ergs hebben meegemaakt. Kortom: mensen die anders zijn. Zelf behoort hij tot de garde van geslaagde mensen: hij heeft een radioprogramma, staat op het punt om zijn laatste restje integriteit met de glimlach overboord te gooien om in een lamlendige sitcom mee te spelen, woont in een koud, kil en peperduur appartement, heeft een koude en kille vriendin die bij zijn interieur past enzovoort. Hij speelt het spelletje mee, hij streeft naar succes zoals de maatschappij dat concept definieert. Tot het misloopt - na de tragedie belandt hij plots aan de andere kant van het spectrum, bij de mensen die hij eerder over de radio uitlachte. En het is daar, van hen, dat hij zijn vergiffenis zal moeten vinden voor wat er gebeurd is.

Parry, daarentegen, leeft volgens niemand z'n regels - de moord op zijn vriendin heeft hem teruggedrongen in een hoekje van zijn geest waar hij zich veilig voelt. Hij is misschien gek, maar hij is een individu. Hij leeft in zijn eigen versie van de realiteit in plaats van de versie van andere mensen na te jagen, en het is pas wanneer Jack (spoiler, spoiler) aan het einde leert om daarin mee te gaan, om mee te spelen met de illusies van Parry, dat hij verlossing vindt. Zoals wel meer films van Terry Gilliam, is deze een pleidooi voor het individu tegenover de grijze massa. Parry leeft in zijn privé-realiteit en ziet de wereld zoals hij ze zelf ziet. Jack leeft in de grote wereld en ziet de wereld zoals anderen zeggen dat hij ze moet zien. Wie is er dan het gekst?

Er zit nog meer in 'The Fisher King' - veel meer. De film is namelijk ook een soort van reflectie op verantwoordelijkheid: in welke mate waren de moorden Jacks schuld? Hij loopt in ieder geval met dat gewicht rond en met de drang om het goed te maken. Om, zoals hij zelf zegt, "de boete te betalen en naar huis te gaan." En dan is er ook nog de kwestie van de daklozen, mensen die we nauwelijks zien, maar die altijd wel in de marges van ons zichtveld rondlopen. Zijn we voor hen verantwoordelijk? En als dat dan zo is, waarom negeren we hen dan? Boeiende vragen, die in een uitbundige film worden gestoken.

Gilliam heeft zich immers visueel niet ingehouden: 'The Fisher King' barst van de extreme close-ups en groothoeklenzen die het beeld vervormen, om nog maar te zwijgen van de gestileerde belichting (dat gebruik van spotlights om silhouetten te creëren!). Bizarre vondsten zoals een boze rode ridder die de herinnering van Parry aan de realiteit symboliseert, een luidkeels zingende travestiet en een druk station waar plots door een 500-tal mensen een wals wordt gedanst, zijn kenmerkend Gilliam. 'The Fisher King' is een film die lééft, die barstensvol ideeën en creativiteit zit, die beweegt en visueel soms in de richting van het surrealisme neigt. En hoewel het soms allemaal wat te veel dreigt te worden (de film duurt 137 minuten, maar had er gerust 20 mogen verliezen), blijft het een feest van spitsvondigheid.

Robin Williams kreeg het meeste lof voor zijn vertolking van Parry, voornamelijk omdat het de rol was die het meest opviel (William springt dan ook weer over het scherm als een Duracellkonijn). Maar het is Jeff Bridges die de film verankert en er zijn emotionele impact aan geeft. Het is zijn mentale reis die je volgt, en Bridges gidst ons moeiteloos door de film. Een scène aan het begin, waarin hij in beschonken toestand een babbeltje slaat met een Pinocchio-pop, toont een staaltje fenomenaal acteerwerk.

'The Fisher King' was de film waarmee Gilliam weer wat krediet wist op te bouwen binnen het Amerikaanse filmsysteem (niet dat dat permanent zou voortduren). Bijna zonder dat het de bedoeling was, werd het toch weer een persoonlijke film, die de stempel van de regisseur continu met zich meedraagt. En ja, dat is iets om blij voor te zijn.

E-mailadres Afdrukken
 
The Fisher King
USA / 1991
Regie: Terry Gilliam
Scenario: Richard LaGravenese
Met: Jeff Bridges; Robin Williams; Mercedes Ruehl; Amanda Plummer
Duur: 137 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST